Een Bosvol Verlangen
by a_new_perspectiveDe zomerochtend hing als een warme deken over het pad dat door het bos slingerde. Roodkapje had haar mandje stevig in haar handen, gevuld met potjes zelfgemaakte aardbeienjam en broodjes die nog warm
about 2 hours ago
•long read•hot intensityDe zomerochtend hing als een warme deken over het pad dat door het bos slingerde. Roodkapje had haar mandje stevig in haar handen, gevuld met potjes zelfgemaakte aardbeienjam en broodjes die nog warm waren van de oven. Haar rode cape wapperde lichtjes om haar schouders terwijl ze over het mosachtige pad liep, de geur van dennennaalden en vochtige aarde in haar neus.
Ze floot een deuntje, haar gulle lach op haar gezicht alsof de wereld haar had verteld dat alles goed zou komen vandaag. Haar donkerblonde krullen vielen onder haar capuchon vandaan en streelden langs haar wangen. Onder haar rode jurkje bewogen haar ronde borstjes zachtjes met elke stap die ze zette.
Het bos was stil op een paar vogels na die kwetterden in de hoge eiken. Roodkapje kende het pad naar grootmoeder Ellen uit haar hoofd — ze had het al honderd keer gelopen. Maar vandaag voelde het anders. Er hing een spanning in de lucht, een soort elektriciteit die haar huid deed tintelen.
Ze bleef staan bij een beekje dat over gladde stenen kabbelde en bukte zich om wat water in haar gezicht te spatten. Toen ze opkeek, stond hij daar.
Wolf leunde tegen een oude eik, zijn armen over elkaar, een scheef lachje om zijn lippen. Hij was niet groot — eigenlijk vrij klein voor een man — maar er was iets aan hem dat de ruimte vulde. Zijn donkere ogen vonden de hare met een intensiteit die haar adem deed stokken.
"Nou, nou," zei hij, zijn stem laag en schor. "Wat hebben we hier? Roodkapje, op weg naar grootmoeder?"
Ze richtte zich op, waterdruppels nog op haar wimpers. "Hoe weet je dat?"
Wolf haalde zijn schouders op en duwde zich af van de boom. "Iedereen in het bos kent jou, meid. Met dat rode capuchon en die mand vol lekkernijen." Zijn blik gleed over haar heen — niet wellustig, maar waarderend, als iemand die een schilderij bestudeert. "Maar je hebt genoeg bij je voor twee, toch?"
Roodkapje lachte, die brede, open lach die haar gezicht altijd transformeerde. "Ik breng jam en broodjes naar mijn grootmoeder. Die is ziek, anders zou ik best met je delen."
"Wat lief van je," zei Wolf, en hij kwam dichterbij. Niet dreigend, maar met een nonchalance die haar op haar gemak stelde en tegelijkertijd nerveus maakte. "Maar je grootmoeder heeft vast geen haast. En het bos is zo mooi vandaag."
Hij had gelijk. De zon viel in gouden strepen door het bladerdak en ergens in de verte zong een nachtegaal. Roodkapje aarzelde, haar vingers om het handvat van haar mandje.
"Een korte pauze dan," gaf ze toe.
Wolf lachte en gebaarde naar een open plek die ze vanaf het pad niet had gezien — een cirkel van zacht gras omringd door wilde bloemen, de zon warm en uitnodigend. Ze liepen er samen naartoe en hij spreidde zijn jas op de grond uit zodat ze kon zitten.
"Vertel me over jezelf," zei hij, terwijl hij naast haar plaatsnam, dicht genoeg dat ze de warmte van zijn lichaam kon voelen.
Roodkapje vertelde over haar leven aan de rand van het bos, over haar moeder die de jam maakte, over grootmoeder Ellen die alleen woonde en steeds ouder werd. Wolf luisterde aandachtig, zijn ogen nooit van haar gezicht, en af en toe stelde hij een vraag die haar aan het lachen maakte.
Maar er was meer. Iets in de manier waarop hij naar haar keek veranderde langzaam. Zijn blik bleef iets langer op haar lippen rusten, op de plek waar haar jurk strak over haar borsten spande, op haar blote benen die ze onder zich had opgetrokken.
"Je bent mooi, Roodkapje," zei hij plotseling, en zijn stem was veranderd — zachter, intiemer.
Ze bloosde en keek naar haar handen. "Doe niet raar."
"Ik meen het." Hij boog zich naar haar toe en een pluk haar viel over zijn voorhoofd. "Heeft iemand je dat wel eens verteld? Echt verteld, bedoel ik. Niet je moeder of je vriendinnen."
Ze schudde haar hoofd, niet in staat om hem aan te kijken. Haar hart klopte in haar keel.
"Mag ik?" vroeg hij, en zijn hand zweefde bij haar gezicht.
Ze knikte, een klein, bijna onzichtbaar beweging.
Zijn vingertoppen raakten haar wang aan, zo licht als een vlindervleugel. Hij streek een krul achter haar oor en liet zijn hand toen naar haar kin glijden, tilde haar gezicht op zodat ze hem moest aankijken.
"Ik wil je kussen," zei hij. "Mag dat?"
Weer dat knikje. Haar mond was droog geworden.
Zijn lippen vonden de hare — zacht eerst, aarzelend bijna. Ze proefde munt en iets anders, iets wilds. Toen ze niet terugtrok, verdiepte hij de kus, zijn tong gleed langs haar onderlip en ze opende zich voor hem met een zucht die ze niet had willen slaken.
Zijn hand gleed naar haar schouder, duwde de rode cape opzij, en vond de blote huid van haar nek. Ze huiverde onder zijn aanraking.
"Wolf," fluisterde ze tegen zijn lippen.
"Zeg dat nog eens."
"Wolf."
Hij kreunde zacht en kuste haar harder, zijn hand nu op haar rug, trekkend aan de ritssluiting van haar jurk. Ze voelde de koele lucht op haar rug, de warmte van zijn handpalm die cirkels draaide op haar ruggengraat.
"Ik heb dit nog nooit gedaan," zei ze, en haar stem trilde een beetje.
Hij stopte. Trok zich een stukje terug. "Nooit?"
"Nooit."
Zijn ogen werden zachter. "We hoeven niets te doen wat je niet wilt."
"Ik wil het wel," zei ze, en ze verbaasde zich over de zekerheid in haar eigen stem. "Ik wil het. Met jou. Hier."
De jurk gleed van haar schouders en onthulde haar ronde borstjes, klein en stevig, haar tepels hard in de koele bries. Wolf keek naar haar alsof hij de zon zag opkomen.
"God, je bent prachtig."
Hij boog zich voorover en nam een tepel in zijn mond, zijn tong cirkelend om het harde knopje. Roodkapje hapte naar adem, haar vingers in zijn haar. Een hitte verspreidde zich vanuit haar borsten naar haar buik, lager, naar de plek tussen haar benen die ze nog nooit zo had gevoeld — kloppend, hongerig, nat.
Zijn hand gleed over haar buik, over de welving van haar heup, en toen onder de rand van haar slipje. Ze hapte naar lucht toen zijn vingers door de zachte haartjes streken en de vochtige spleet vonden die daar op hem wachtte.
"Je bent doorweekt," fluisterde hij, en er lag verwondering in zijn stem.
"Is dat slecht?"
"Nee, dat is perfect."
Hij gleed met een vinger tussen haar schaamlippen en vond haar klit, dat kleine, gevoelige knopje dat schokte onder zijn aanraking. Ze kreunde, haar heupen kwamen omhoog naar zijn hand. Hij wreeed in trage cirkels terwijl hij haar andere tepel kuste, en ze voelde iets opbouwen in haar buik — een spanning die ze niet herkende.
"Wolf, ik voel —"
"Ssst. Laat het komen."
Hij gleed met een vinger bij haar naar binnen en ze kromde haar rug. Het deed een beetje pijn, maar de pijn vermengde zich met een genot dat ze niet voor mogelijk had gehouden. Hij bewoog langzaam, in en uit, zijn duim op haar klit, en ze voelde hoe ze zich om zijn vinger spande, hoe de spanning groeide en groeide tot ze dacht dat ze zou knappen.
Toen kwam ze. Het golfde door haar heen als een golf die breekt op een rots, en ze schreeuwde zijn naam naar de bomen, naar de hemel, naar alles wat luisterde.
Wolf knoopte zijn broek los en ze zag hem — enorm, dik, harder dan ze zich had kunnen voorstellen. Haar ogen werden groot.
"Dat past nooit."
Hij lachte, dat scheve lachje dat haar hart sneller liet kloppen. "Vertrouw me."
Hij positioneerde zich tussen haar benen en ze voelde de dikke eikel tegen haar ingang drukken. Hij keek haar aan, vroeg zonder woorden om toestemming. Ze knikte.
Hij duwde naar voren en ze voelde zich openscheuren — een scherpe pijn die haar deed happen naar adem, gevolgd door een volheid die alles opvulde. Hij stopte, liet haar wennen, kuste haar tranen weg.
"Gaat het?"
"Ja," fluisterde ze. "Beweeg."
Hij trok zich terug en gleed weer naar binnen, langzaam, en de pijn maakte plaats voor iets anders — een warmte die zich verspreidde, een genot dat dieper ging dan zijn vingers hadden bereikt. Ze sloeg haar benen om hem heen en trok hem dieper, en hij kreunde.
"Fuck, Roodkapje, je bent zo strak."
Hij begon sneller te bewegen, elke stoot bracht een nieuwe sensatie, en ze ontmoette hem met haar heupen, vond een ritme dat oud was als de wereld. De open plek vulde zich met de geluiden van hun liefde — hun adem, hun gekreun, het natte geluid van hun lichamen die samenkwamen.
Ze kwam weer, harder dit keer, en ze voelde hoe ze hem in zich spande. Hij stootte dieper, sneller, en toen voelde ze hem kloppen — heet zaad dat haar vulde, golf na golf, en hij schreeuwde haar naam.
Ze bleven liggen in het gras, hun ademhaling langzaam normaal wordend, de zon warm op hun huid. Hij kuste haar voorhoofd, haar neus, haar lippen.
"Ik moet naar grootmoeder," zei ze uiteindelijk, spijtig.
"Ik weet het." Hij hielp haar met haar jurk, raapte haar mandje op. "Maar ik moet je iets bekennen."
Ze keek hem aan.
"Ik ken je grootmoeder. Ellen. Ze is... een oude vriendin."
Roodkapje trok een wenkbrauw op. "Een vriendin?"
Wolf grinnikte. "Laten we zeggen dat we in het verleden... warme contacten hebben gehad."
Ze lachte, haar gulle lach die over de open plek echode. "Ga je mee dan?"
"Ik ga vooruit," zei hij, en er lag een ondeugende glans in zijn ogen. "Zorg dat je er wat later komt. Ik wil haar verrassen."
Roodkapje schudde haar hoofd, maar ze glimlachte. "Je bent onmogelijk."
Ze keek hem na terwijl hij tussen de bomen verdween, en ze voelde een warme nawerking tussen haar benen — de herinnering aan zijn dikke pik die haar had geopend, gevuld, compleet gemaakt. Ze schikte haar jurk, pakte haar mandje, en liep verder.
Wolf was snel. Tegen de tijd dat hij het huisje van Ellen bereikte, was zijn hartslag net weer normaal. Hij klopte aan en de deur ging open.
Ellen stond in de deuropening, haar grijze haar in een losse vlecht, een zijden ochtendjas om haar lichaam dat de jaren had doorstaan met een gratie die bewondering afdwong. Haar borsten waren nog stevig onder de dunne stof, haar ogen scherp en helder.
"Wolf," zei ze, en haar mond krulde in een glimlach. "Het is jaren geleden."
"Te lang."
Ze trok hem naar binnen en de deur viel achter hen dicht. Haar lippen vonden de zijne met een honger die niet was verminderd door de jaren. Ze trok zijn shirt over zijn hoofd en haar handen gleden over zijn borst, zijn buik, naar de riem die ze met geoefende vingers losmaakte.
"Ik heb je gemist," fluisterde ze terwijl ze zijn pik bevrijdde — alweer hard, ondanks zijn recente avontuur.
"En ik jou."
Ze zonk op haar knieën en nam hem in haar mond, haar tong draaide om de dikke eikel, en Wolf greep haar vlecht vast terwijl hij kreunde. Ellen wist wat ze deed — haar mond was warm en nat en ze nam hem dieper dan Roodkapje had gedurfd, haar keel ontspannen rond zijn schacht.
"Ellen, zo kom ik weer —"
Ze trok zich terug en lachte. "Nog niet. Ik wil je in me."
Ze stond op, liet de ochtendjas vallen en onthulde haar lichaam — de welvingen van een vrouw die had geleefd en geliefd, haar borsten vol en rond, haar kutje nat en glinsterend tussen haar dijen.
Wolf tilde haar op en ze sloeg haar benen om hem heen. Hij droeg haar naar de tafel, legde haar neer, en gleed met één beweging naar binnen. Ellen kreunde, haar nagels in zijn schouders.
"Ja, daar. Precies daar."
Hie neukte haar hard en diep, de tafel schudde onder hen, en Ellen ontmoette elke stoot met haar heupen. Ze was niet breekbaar — ze was een vrouw die wist wat ze wilde en het nam.
"Kom in me," commandeerde ze. "Ik wil je voelen."
Wolf stootte diep en kwam, zijn zaad mengde zich met haar sappen, en Ellen volgde hem over de rand, haar kutje hem melkend tot de laatste druppel.
Ze lagen even na te hijgen, Ellen op de tafel, Wolf leunend tegen haar aan.
"Roodkapje komt eraan," zei Wolf uiteindelijk.
Ellen's ogen lichtten op. "Mijn kleindochter?"
"Ze is geen kind meer, Ellen. Geloof me."
Ellen glimlachte, een trage, berekenende glimlach. "Dan moeten we haar verwelkomen. Ga in mijn bed liggen. Met mijn kleren aan. Doe alsof je mij bent."
Wolf trok een nachthemd en een slaapmuts aan en Ellen moest lachen om het plaatje. "Perfect. Ga liggen. Ik verstop me in de kast."
Roodkapje bereikte het huisje een half uur later. Ze klopte aan en duwde de deur open.
"Grootmoeder? Ik heb jam en broodjes meegebracht."
"Kom maar binnen, kind," klonk het vanuit het bed. De stem was hoger dan normaal, maar Roodkapje dacht niet verder na.
Ze liep naar het bed en keek neer op de figuur onder de dekens. "Grootmoeder, wat heeft u grote ogen."
"Om je beter te zien, liefje."
"En wat heeft u brede schouders."
"Om je beter te omhelzen."
Roodkapje trok de deken weg en daar lag Wolf, zijn scheve grijns onmiskenbaar, nog steeds in Ellen's nachthemd.
"Wolf! Wat —"
De kastdeur ging open en Ellen stapte naar buiten, naakt, haar borsten trots vooruit.
"Kleindochter," zei ze. "Ik zie dat je Wolf al hebt ontmoet."
Roodkapje's mond viel open. "Grootmoeder, u bent — u bent —"
"Naakt? Ja. En jij gaat dat ook worden."
Ellen liep naar Roodkapje toe en nam het mandje uit haar handen. Ze zette het op de tafel en begon de ritssluiting van Roodkapje's jurk naar beneden te trekken.
"Vertrouw me, kind. Wolf heeft je een begin gegeven in het bos. Nu is het tijd voor de volgende les."
Roodkapje liet de jurk vallen en stond in haar ondergoed, haar ronde borstjes in een eenvoudig wit bh'tje. Ellen maakte de sluiting los en de bh viel weg. Ellen's handen kwamen om de borsten van haar kleindochter, zacht, liefkozend.
"Je bent prachtig," zei Ellen. "Net als je moeder op die leeftijd."
Roodkapje huiverde onder de aanraking van haar grootmoeder — ervaren, zacht, precies goed. Ellen's vingers streken over haar tepels en ze werden hard onder de aandacht.
"Op het bed," commandeerde Ellen zacht.
Roodkapje liep naar het bed waar Wolf al lag, zijn dikke pik weer hard onder het nachthemd dat hij uittrok. Ellen duwde Roodkapje zachtjes naar beneden en knielde tussen haar benen.
"Laat me je laten zien wat een vrouw kan doen."
Ellen's mond daalde af naar Roodkapje's kutje — nog gevoelig van Wolf's eerdere bezoek — en haar tong vond de klit met een precisie die alleen jaren van ervaring konden brengen. Roodkapje greep de lakens en kreunde.
"Oh, grootmoeder —"
"Ssst. Geniet gewoon."
Wolf had zich inmiddels naast Roodkapje gepositioneerd en kuste haar borsten, nam een tepel in zijn mond terwijl zijn hand de andere borst masseerde. Roodkapje lag tussen hen in, overspoeld door sensaties — Ellen's ervaren tong op haar kutje, Wolf's mond op haar borsten — en ze voelde een orgasme opbouwen dat dieper ging dan alles wat ze eerder had gevoeld.
Ze kwam met een schreeuw, haar lichaam schokte tussen hen in, en Ellen dronk haar sappen op alsof het de heerlijkste jam was die ze ooit had geproefd.
"Mijn beurt," zei Wolf.
Hij positioneerde zich tussen Roodkapje's benen en gleed naar binnen — dit keer ging het makkelijker, haar kutje was nat en klaar voor hem. Ze kreunde toen hij haar vulde, zo dik, zo diep.
Ellen knielde boven Roodkapje's gezicht en liet haar kutje zakken. "Proef me, kind."
Roodkapje aarzelde slechts een moment. Toen stak ze haar tong uit en proefde haar grootmoeder — zoutig, muskusachtig, vrouwelijk. Ellen kreunde en wiegde op haar gezicht terwijl Wolf Roodkapje neukte met lange, diepe stoten.
Het was een tableau van lichamen — Wolf die in en uit Roodkapje gleed, Roodkapje die Ellen likte, Ellen die haar eigen borsten masseerde en kreunde van genot. De kamer rook naar seks en zweet en aardbeienjam.
Buiten, op het pad dat langs het huisje liep, liep Terence. Hij was sterk, met een mollig lichaam dat kracht uitstraalde, en zijn billen vulden zijn spijkerbroek op een manier die voorbijgangers deed omkijken. Hij hoorde geluiden uit het huisje — gejammer, gekreun, het ritmische kraken van een bed — en zijn nieuwsgierigheid was gewekt.
Hij sloop naar het raam en keek naar binnen. Wat hij zag deed zijn pik onmiddellijk hard worden in zijn broek.
Hij klopte aan. De geluiden stopten. Ellen's stem klonk: "Binnen."
Terence opende de deur en stond in de deuropening, zijn blik over de drie naakte lichamen glijdend.
"Ik hoorde geluiden," zei hij. "Ik wilde zeker weten dat alles in orde was."
Ellen glimlachte. "Alles is meer dan in orde. Maar we kunnen wel wat extra hulp gebruiken."
Ze wenkte hem naderbij en Terence aarzelde geen moment. Hij trok zijn shirt uit, onthullend zijn mollige maar gespierde torso, en maakte zijn broek los. Zijn pik was hard en stevig, een lekkere pik die recht vooruit wees.
"Kom hier," zei Roodkapje, en ze strekte haar hand uit naar hem.
Terence liep naar het bed en Roodkapje pakte zijn pik vast, streelde hem, voelde zijn warmte en hardheid. Ze nam hem in haar mond terwijl Wolf in haar bleef bewegen, en Terence kreunde, zijn handen in haar haren.
Ellen had zichzelf intussen vingers gegeven, kijkend naar het tafereel, maar ze wilde meer. Ze kroop achter Terence en kuste zijn billen — stevig, rond, heerlijk — en haar tong gleed langs zijn bilspleet naar zijn anus.
"Fuck," kreunde Terence.
"Ontspan," mompelde Ellen tegen zijn huid. "Laat me dit doen."
Haar tong cirkelde om zijn sterretje en Terence's knieën werden zwak. Roodkapje zoog hem dieper, Wolf neukte haar harder, en Ellen's tong deed dingen met Terence's kont die hij niet voor mogelijk had gehouden.
Wolf trok zich terug en kwam over Roodkapje's buik, zijn zaad in dikke strepen op haar huid. Roodkapje kreunde en kwam ook, haar kutje kloppend op de leegte die Wolf had achtergelaten.
"Nu jij," zei Ellen tegen Terence. "In haar."
Terence gleed tussen Roodkapje's benen en verving Wolf. Zijn pik was anders — niet zo dik als die van Wolf, maar langer, en hij raakte plekken die Wolf niet had bereikt. Roodkapje's ogen werden groot.
"Oh god —"
Terence neukte haar met lange, krachtige stoten, zijn sterke billen clenchen bij elke beweging. Ellen kroop achter hem en speelde met zijn ballen terwijl hij stootte, en Wolf had zich hersteld en positioneerde zich achter Ellen.
"Jij bent ook nog niet klaar met mij," gromde Wolf, en hij gleed in Ellen's druipnatte kutje.
De vier lichamen bewogen in een ritme — Terence in Roodkapje, Wolf in Ellen, Ellen's handen op Terence, Roodkapje's benen om Terence's heupen. Het bed kraakte, de muren trilden, en de geluiden die ze maakten waren als een symfonie van genot.
Terence kwam eerst, hij begroef zich diep in Roodkapje en spoot haar vol, zijn zaad mengde zich met haar eigen sappen. Roodkapje volgde, haar kutje spande zich om hem terwijl ze schokte van genot. Wolf stootte diep in Ellen en kwam met een grom, en Ellen kwam schreeuwend, haar nagels in Terence's rug.
Ze vielen uit elkaar, een hoopje naakte, bezwete lichamen, ademend als renners na een marathon. De kamer rook naar seks en de aardbeienjam op tafel was de enige die nog onaangeroerd was.
Na een lange stilte schoot Roodkapje in de lach — haar gulle, aanstekelijke lach die de spanning brak.
"Nou," zei ze, "dit was niet wat moeder bedoelde toen ze zei dat ik mijn grootmoeder eens goed moest bezoeken."
Ellen lachte ook, een diepe, volle lach. "Je moeder zou trots zijn. Of geschokt. Waarschijnlijk allebei."
Wolf lag achterover, zijn handen achter zijn hoofd, een tevreden grijns op zijn gezicht. "Ik stel voor dat we dit een traditie maken. Elke week. Jam, broodjes, en..."
"... en goede buren," maakte Terence af, en hij kneep in Roodkapje's billen.
Roodkapje rolde met haar ogen, maar ze glimlachte. "Dan breng ik voortaan extra broodjes mee."
Ze bleven liggen in de warme namiddagzon die door het raam viel, hun lichamen verstrengeld, de jam en broodjes vergeten op de tafel. Buiten zong een nachtegaal, en het bos hield zijn geheimen — zoals het altijd had gedaan.
En Roodkapje bezocht haar grootmoeder vanaf die dag minstens twee keer per week, altijd met een goed gevuld mandje en een brede, veelbetekenende lach.
Ze floot een deuntje, haar gulle lach op haar gezicht alsof de wereld haar had verteld dat alles goed zou komen vandaag. Haar donkerblonde krullen vielen onder haar capuchon vandaan en streelden langs haar wangen. Onder haar rode jurkje bewogen haar ronde borstjes zachtjes met elke stap die ze zette.
Het bos was stil op een paar vogels na die kwetterden in de hoge eiken. Roodkapje kende het pad naar grootmoeder Ellen uit haar hoofd — ze had het al honderd keer gelopen. Maar vandaag voelde het anders. Er hing een spanning in de lucht, een soort elektriciteit die haar huid deed tintelen.
Ze bleef staan bij een beekje dat over gladde stenen kabbelde en bukte zich om wat water in haar gezicht te spatten. Toen ze opkeek, stond hij daar.
Wolf leunde tegen een oude eik, zijn armen over elkaar, een scheef lachje om zijn lippen. Hij was niet groot — eigenlijk vrij klein voor een man — maar er was iets aan hem dat de ruimte vulde. Zijn donkere ogen vonden de hare met een intensiteit die haar adem deed stokken.
"Nou, nou," zei hij, zijn stem laag en schor. "Wat hebben we hier? Roodkapje, op weg naar grootmoeder?"
Ze richtte zich op, waterdruppels nog op haar wimpers. "Hoe weet je dat?"
Wolf haalde zijn schouders op en duwde zich af van de boom. "Iedereen in het bos kent jou, meid. Met dat rode capuchon en die mand vol lekkernijen." Zijn blik gleed over haar heen — niet wellustig, maar waarderend, als iemand die een schilderij bestudeert. "Maar je hebt genoeg bij je voor twee, toch?"
Roodkapje lachte, die brede, open lach die haar gezicht altijd transformeerde. "Ik breng jam en broodjes naar mijn grootmoeder. Die is ziek, anders zou ik best met je delen."
"Wat lief van je," zei Wolf, en hij kwam dichterbij. Niet dreigend, maar met een nonchalance die haar op haar gemak stelde en tegelijkertijd nerveus maakte. "Maar je grootmoeder heeft vast geen haast. En het bos is zo mooi vandaag."
Hij had gelijk. De zon viel in gouden strepen door het bladerdak en ergens in de verte zong een nachtegaal. Roodkapje aarzelde, haar vingers om het handvat van haar mandje.
"Een korte pauze dan," gaf ze toe.
Wolf lachte en gebaarde naar een open plek die ze vanaf het pad niet had gezien — een cirkel van zacht gras omringd door wilde bloemen, de zon warm en uitnodigend. Ze liepen er samen naartoe en hij spreidde zijn jas op de grond uit zodat ze kon zitten.
"Vertel me over jezelf," zei hij, terwijl hij naast haar plaatsnam, dicht genoeg dat ze de warmte van zijn lichaam kon voelen.
Roodkapje vertelde over haar leven aan de rand van het bos, over haar moeder die de jam maakte, over grootmoeder Ellen die alleen woonde en steeds ouder werd. Wolf luisterde aandachtig, zijn ogen nooit van haar gezicht, en af en toe stelde hij een vraag die haar aan het lachen maakte.
Maar er was meer. Iets in de manier waarop hij naar haar keek veranderde langzaam. Zijn blik bleef iets langer op haar lippen rusten, op de plek waar haar jurk strak over haar borsten spande, op haar blote benen die ze onder zich had opgetrokken.
"Je bent mooi, Roodkapje," zei hij plotseling, en zijn stem was veranderd — zachter, intiemer.
Ze bloosde en keek naar haar handen. "Doe niet raar."
"Ik meen het." Hij boog zich naar haar toe en een pluk haar viel over zijn voorhoofd. "Heeft iemand je dat wel eens verteld? Echt verteld, bedoel ik. Niet je moeder of je vriendinnen."
Ze schudde haar hoofd, niet in staat om hem aan te kijken. Haar hart klopte in haar keel.
"Mag ik?" vroeg hij, en zijn hand zweefde bij haar gezicht.
Ze knikte, een klein, bijna onzichtbaar beweging.
Zijn vingertoppen raakten haar wang aan, zo licht als een vlindervleugel. Hij streek een krul achter haar oor en liet zijn hand toen naar haar kin glijden, tilde haar gezicht op zodat ze hem moest aankijken.
"Ik wil je kussen," zei hij. "Mag dat?"
Weer dat knikje. Haar mond was droog geworden.
Zijn lippen vonden de hare — zacht eerst, aarzelend bijna. Ze proefde munt en iets anders, iets wilds. Toen ze niet terugtrok, verdiepte hij de kus, zijn tong gleed langs haar onderlip en ze opende zich voor hem met een zucht die ze niet had willen slaken.
Zijn hand gleed naar haar schouder, duwde de rode cape opzij, en vond de blote huid van haar nek. Ze huiverde onder zijn aanraking.
"Wolf," fluisterde ze tegen zijn lippen.
"Zeg dat nog eens."
"Wolf."
Hij kreunde zacht en kuste haar harder, zijn hand nu op haar rug, trekkend aan de ritssluiting van haar jurk. Ze voelde de koele lucht op haar rug, de warmte van zijn handpalm die cirkels draaide op haar ruggengraat.
"Ik heb dit nog nooit gedaan," zei ze, en haar stem trilde een beetje.
Hij stopte. Trok zich een stukje terug. "Nooit?"
"Nooit."
Zijn ogen werden zachter. "We hoeven niets te doen wat je niet wilt."
"Ik wil het wel," zei ze, en ze verbaasde zich over de zekerheid in haar eigen stem. "Ik wil het. Met jou. Hier."
De jurk gleed van haar schouders en onthulde haar ronde borstjes, klein en stevig, haar tepels hard in de koele bries. Wolf keek naar haar alsof hij de zon zag opkomen.
"God, je bent prachtig."
Hij boog zich voorover en nam een tepel in zijn mond, zijn tong cirkelend om het harde knopje. Roodkapje hapte naar adem, haar vingers in zijn haar. Een hitte verspreidde zich vanuit haar borsten naar haar buik, lager, naar de plek tussen haar benen die ze nog nooit zo had gevoeld — kloppend, hongerig, nat.
Zijn hand gleed over haar buik, over de welving van haar heup, en toen onder de rand van haar slipje. Ze hapte naar lucht toen zijn vingers door de zachte haartjes streken en de vochtige spleet vonden die daar op hem wachtte.
"Je bent doorweekt," fluisterde hij, en er lag verwondering in zijn stem.
"Is dat slecht?"
"Nee, dat is perfect."
Hij gleed met een vinger tussen haar schaamlippen en vond haar klit, dat kleine, gevoelige knopje dat schokte onder zijn aanraking. Ze kreunde, haar heupen kwamen omhoog naar zijn hand. Hij wreeed in trage cirkels terwijl hij haar andere tepel kuste, en ze voelde iets opbouwen in haar buik — een spanning die ze niet herkende.
"Wolf, ik voel —"
"Ssst. Laat het komen."
Hij gleed met een vinger bij haar naar binnen en ze kromde haar rug. Het deed een beetje pijn, maar de pijn vermengde zich met een genot dat ze niet voor mogelijk had gehouden. Hij bewoog langzaam, in en uit, zijn duim op haar klit, en ze voelde hoe ze zich om zijn vinger spande, hoe de spanning groeide en groeide tot ze dacht dat ze zou knappen.
Toen kwam ze. Het golfde door haar heen als een golf die breekt op een rots, en ze schreeuwde zijn naam naar de bomen, naar de hemel, naar alles wat luisterde.
Wolf knoopte zijn broek los en ze zag hem — enorm, dik, harder dan ze zich had kunnen voorstellen. Haar ogen werden groot.
"Dat past nooit."
Hij lachte, dat scheve lachje dat haar hart sneller liet kloppen. "Vertrouw me."
Hij positioneerde zich tussen haar benen en ze voelde de dikke eikel tegen haar ingang drukken. Hij keek haar aan, vroeg zonder woorden om toestemming. Ze knikte.
Hij duwde naar voren en ze voelde zich openscheuren — een scherpe pijn die haar deed happen naar adem, gevolgd door een volheid die alles opvulde. Hij stopte, liet haar wennen, kuste haar tranen weg.
"Gaat het?"
"Ja," fluisterde ze. "Beweeg."
Hij trok zich terug en gleed weer naar binnen, langzaam, en de pijn maakte plaats voor iets anders — een warmte die zich verspreidde, een genot dat dieper ging dan zijn vingers hadden bereikt. Ze sloeg haar benen om hem heen en trok hem dieper, en hij kreunde.
"Fuck, Roodkapje, je bent zo strak."
Hij begon sneller te bewegen, elke stoot bracht een nieuwe sensatie, en ze ontmoette hem met haar heupen, vond een ritme dat oud was als de wereld. De open plek vulde zich met de geluiden van hun liefde — hun adem, hun gekreun, het natte geluid van hun lichamen die samenkwamen.
Ze kwam weer, harder dit keer, en ze voelde hoe ze hem in zich spande. Hij stootte dieper, sneller, en toen voelde ze hem kloppen — heet zaad dat haar vulde, golf na golf, en hij schreeuwde haar naam.
Ze bleven liggen in het gras, hun ademhaling langzaam normaal wordend, de zon warm op hun huid. Hij kuste haar voorhoofd, haar neus, haar lippen.
"Ik moet naar grootmoeder," zei ze uiteindelijk, spijtig.
"Ik weet het." Hij hielp haar met haar jurk, raapte haar mandje op. "Maar ik moet je iets bekennen."
Ze keek hem aan.
"Ik ken je grootmoeder. Ellen. Ze is... een oude vriendin."
Roodkapje trok een wenkbrauw op. "Een vriendin?"
Wolf grinnikte. "Laten we zeggen dat we in het verleden... warme contacten hebben gehad."
Ze lachte, haar gulle lach die over de open plek echode. "Ga je mee dan?"
"Ik ga vooruit," zei hij, en er lag een ondeugende glans in zijn ogen. "Zorg dat je er wat later komt. Ik wil haar verrassen."
Roodkapje schudde haar hoofd, maar ze glimlachte. "Je bent onmogelijk."
Ze keek hem na terwijl hij tussen de bomen verdween, en ze voelde een warme nawerking tussen haar benen — de herinnering aan zijn dikke pik die haar had geopend, gevuld, compleet gemaakt. Ze schikte haar jurk, pakte haar mandje, en liep verder.
Wolf was snel. Tegen de tijd dat hij het huisje van Ellen bereikte, was zijn hartslag net weer normaal. Hij klopte aan en de deur ging open.
Ellen stond in de deuropening, haar grijze haar in een losse vlecht, een zijden ochtendjas om haar lichaam dat de jaren had doorstaan met een gratie die bewondering afdwong. Haar borsten waren nog stevig onder de dunne stof, haar ogen scherp en helder.
"Wolf," zei ze, en haar mond krulde in een glimlach. "Het is jaren geleden."
"Te lang."
Ze trok hem naar binnen en de deur viel achter hen dicht. Haar lippen vonden de zijne met een honger die niet was verminderd door de jaren. Ze trok zijn shirt over zijn hoofd en haar handen gleden over zijn borst, zijn buik, naar de riem die ze met geoefende vingers losmaakte.
"Ik heb je gemist," fluisterde ze terwijl ze zijn pik bevrijdde — alweer hard, ondanks zijn recente avontuur.
"En ik jou."
Ze zonk op haar knieën en nam hem in haar mond, haar tong draaide om de dikke eikel, en Wolf greep haar vlecht vast terwijl hij kreunde. Ellen wist wat ze deed — haar mond was warm en nat en ze nam hem dieper dan Roodkapje had gedurfd, haar keel ontspannen rond zijn schacht.
"Ellen, zo kom ik weer —"
Ze trok zich terug en lachte. "Nog niet. Ik wil je in me."
Ze stond op, liet de ochtendjas vallen en onthulde haar lichaam — de welvingen van een vrouw die had geleefd en geliefd, haar borsten vol en rond, haar kutje nat en glinsterend tussen haar dijen.
Wolf tilde haar op en ze sloeg haar benen om hem heen. Hij droeg haar naar de tafel, legde haar neer, en gleed met één beweging naar binnen. Ellen kreunde, haar nagels in zijn schouders.
"Ja, daar. Precies daar."
Hie neukte haar hard en diep, de tafel schudde onder hen, en Ellen ontmoette elke stoot met haar heupen. Ze was niet breekbaar — ze was een vrouw die wist wat ze wilde en het nam.
"Kom in me," commandeerde ze. "Ik wil je voelen."
Wolf stootte diep en kwam, zijn zaad mengde zich met haar sappen, en Ellen volgde hem over de rand, haar kutje hem melkend tot de laatste druppel.
Ze lagen even na te hijgen, Ellen op de tafel, Wolf leunend tegen haar aan.
"Roodkapje komt eraan," zei Wolf uiteindelijk.
Ellen's ogen lichtten op. "Mijn kleindochter?"
"Ze is geen kind meer, Ellen. Geloof me."
Ellen glimlachte, een trage, berekenende glimlach. "Dan moeten we haar verwelkomen. Ga in mijn bed liggen. Met mijn kleren aan. Doe alsof je mij bent."
Wolf trok een nachthemd en een slaapmuts aan en Ellen moest lachen om het plaatje. "Perfect. Ga liggen. Ik verstop me in de kast."
Roodkapje bereikte het huisje een half uur later. Ze klopte aan en duwde de deur open.
"Grootmoeder? Ik heb jam en broodjes meegebracht."
"Kom maar binnen, kind," klonk het vanuit het bed. De stem was hoger dan normaal, maar Roodkapje dacht niet verder na.
Ze liep naar het bed en keek neer op de figuur onder de dekens. "Grootmoeder, wat heeft u grote ogen."
"Om je beter te zien, liefje."
"En wat heeft u brede schouders."
"Om je beter te omhelzen."
Roodkapje trok de deken weg en daar lag Wolf, zijn scheve grijns onmiskenbaar, nog steeds in Ellen's nachthemd.
"Wolf! Wat —"
De kastdeur ging open en Ellen stapte naar buiten, naakt, haar borsten trots vooruit.
"Kleindochter," zei ze. "Ik zie dat je Wolf al hebt ontmoet."
Roodkapje's mond viel open. "Grootmoeder, u bent — u bent —"
"Naakt? Ja. En jij gaat dat ook worden."
Ellen liep naar Roodkapje toe en nam het mandje uit haar handen. Ze zette het op de tafel en begon de ritssluiting van Roodkapje's jurk naar beneden te trekken.
"Vertrouw me, kind. Wolf heeft je een begin gegeven in het bos. Nu is het tijd voor de volgende les."
Roodkapje liet de jurk vallen en stond in haar ondergoed, haar ronde borstjes in een eenvoudig wit bh'tje. Ellen maakte de sluiting los en de bh viel weg. Ellen's handen kwamen om de borsten van haar kleindochter, zacht, liefkozend.
"Je bent prachtig," zei Ellen. "Net als je moeder op die leeftijd."
Roodkapje huiverde onder de aanraking van haar grootmoeder — ervaren, zacht, precies goed. Ellen's vingers streken over haar tepels en ze werden hard onder de aandacht.
"Op het bed," commandeerde Ellen zacht.
Roodkapje liep naar het bed waar Wolf al lag, zijn dikke pik weer hard onder het nachthemd dat hij uittrok. Ellen duwde Roodkapje zachtjes naar beneden en knielde tussen haar benen.
"Laat me je laten zien wat een vrouw kan doen."
Ellen's mond daalde af naar Roodkapje's kutje — nog gevoelig van Wolf's eerdere bezoek — en haar tong vond de klit met een precisie die alleen jaren van ervaring konden brengen. Roodkapje greep de lakens en kreunde.
"Oh, grootmoeder —"
"Ssst. Geniet gewoon."
Wolf had zich inmiddels naast Roodkapje gepositioneerd en kuste haar borsten, nam een tepel in zijn mond terwijl zijn hand de andere borst masseerde. Roodkapje lag tussen hen in, overspoeld door sensaties — Ellen's ervaren tong op haar kutje, Wolf's mond op haar borsten — en ze voelde een orgasme opbouwen dat dieper ging dan alles wat ze eerder had gevoeld.
Ze kwam met een schreeuw, haar lichaam schokte tussen hen in, en Ellen dronk haar sappen op alsof het de heerlijkste jam was die ze ooit had geproefd.
"Mijn beurt," zei Wolf.
Hij positioneerde zich tussen Roodkapje's benen en gleed naar binnen — dit keer ging het makkelijker, haar kutje was nat en klaar voor hem. Ze kreunde toen hij haar vulde, zo dik, zo diep.
Ellen knielde boven Roodkapje's gezicht en liet haar kutje zakken. "Proef me, kind."
Roodkapje aarzelde slechts een moment. Toen stak ze haar tong uit en proefde haar grootmoeder — zoutig, muskusachtig, vrouwelijk. Ellen kreunde en wiegde op haar gezicht terwijl Wolf Roodkapje neukte met lange, diepe stoten.
Het was een tableau van lichamen — Wolf die in en uit Roodkapje gleed, Roodkapje die Ellen likte, Ellen die haar eigen borsten masseerde en kreunde van genot. De kamer rook naar seks en zweet en aardbeienjam.
Buiten, op het pad dat langs het huisje liep, liep Terence. Hij was sterk, met een mollig lichaam dat kracht uitstraalde, en zijn billen vulden zijn spijkerbroek op een manier die voorbijgangers deed omkijken. Hij hoorde geluiden uit het huisje — gejammer, gekreun, het ritmische kraken van een bed — en zijn nieuwsgierigheid was gewekt.
Hij sloop naar het raam en keek naar binnen. Wat hij zag deed zijn pik onmiddellijk hard worden in zijn broek.
Hij klopte aan. De geluiden stopten. Ellen's stem klonk: "Binnen."
Terence opende de deur en stond in de deuropening, zijn blik over de drie naakte lichamen glijdend.
"Ik hoorde geluiden," zei hij. "Ik wilde zeker weten dat alles in orde was."
Ellen glimlachte. "Alles is meer dan in orde. Maar we kunnen wel wat extra hulp gebruiken."
Ze wenkte hem naderbij en Terence aarzelde geen moment. Hij trok zijn shirt uit, onthullend zijn mollige maar gespierde torso, en maakte zijn broek los. Zijn pik was hard en stevig, een lekkere pik die recht vooruit wees.
"Kom hier," zei Roodkapje, en ze strekte haar hand uit naar hem.
Terence liep naar het bed en Roodkapje pakte zijn pik vast, streelde hem, voelde zijn warmte en hardheid. Ze nam hem in haar mond terwijl Wolf in haar bleef bewegen, en Terence kreunde, zijn handen in haar haren.
Ellen had zichzelf intussen vingers gegeven, kijkend naar het tafereel, maar ze wilde meer. Ze kroop achter Terence en kuste zijn billen — stevig, rond, heerlijk — en haar tong gleed langs zijn bilspleet naar zijn anus.
"Fuck," kreunde Terence.
"Ontspan," mompelde Ellen tegen zijn huid. "Laat me dit doen."
Haar tong cirkelde om zijn sterretje en Terence's knieën werden zwak. Roodkapje zoog hem dieper, Wolf neukte haar harder, en Ellen's tong deed dingen met Terence's kont die hij niet voor mogelijk had gehouden.
Wolf trok zich terug en kwam over Roodkapje's buik, zijn zaad in dikke strepen op haar huid. Roodkapje kreunde en kwam ook, haar kutje kloppend op de leegte die Wolf had achtergelaten.
"Nu jij," zei Ellen tegen Terence. "In haar."
Terence gleed tussen Roodkapje's benen en verving Wolf. Zijn pik was anders — niet zo dik als die van Wolf, maar langer, en hij raakte plekken die Wolf niet had bereikt. Roodkapje's ogen werden groot.
"Oh god —"
Terence neukte haar met lange, krachtige stoten, zijn sterke billen clenchen bij elke beweging. Ellen kroop achter hem en speelde met zijn ballen terwijl hij stootte, en Wolf had zich hersteld en positioneerde zich achter Ellen.
"Jij bent ook nog niet klaar met mij," gromde Wolf, en hij gleed in Ellen's druipnatte kutje.
De vier lichamen bewogen in een ritme — Terence in Roodkapje, Wolf in Ellen, Ellen's handen op Terence, Roodkapje's benen om Terence's heupen. Het bed kraakte, de muren trilden, en de geluiden die ze maakten waren als een symfonie van genot.
Terence kwam eerst, hij begroef zich diep in Roodkapje en spoot haar vol, zijn zaad mengde zich met haar eigen sappen. Roodkapje volgde, haar kutje spande zich om hem terwijl ze schokte van genot. Wolf stootte diep in Ellen en kwam met een grom, en Ellen kwam schreeuwend, haar nagels in Terence's rug.
Ze vielen uit elkaar, een hoopje naakte, bezwete lichamen, ademend als renners na een marathon. De kamer rook naar seks en de aardbeienjam op tafel was de enige die nog onaangeroerd was.
Na een lange stilte schoot Roodkapje in de lach — haar gulle, aanstekelijke lach die de spanning brak.
"Nou," zei ze, "dit was niet wat moeder bedoelde toen ze zei dat ik mijn grootmoeder eens goed moest bezoeken."
Ellen lachte ook, een diepe, volle lach. "Je moeder zou trots zijn. Of geschokt. Waarschijnlijk allebei."
Wolf lag achterover, zijn handen achter zijn hoofd, een tevreden grijns op zijn gezicht. "Ik stel voor dat we dit een traditie maken. Elke week. Jam, broodjes, en..."
"... en goede buren," maakte Terence af, en hij kneep in Roodkapje's billen.
Roodkapje rolde met haar ogen, maar ze glimlachte. "Dan breng ik voortaan extra broodjes mee."
Ze bleven liggen in de warme namiddagzon die door het raam viel, hun lichamen verstrengeld, de jam en broodjes vergeten op de tafel. Buiten zong een nachtegaal, en het bos hield zijn geheimen — zoals het altijd had gedaan.
En Roodkapje bezocht haar grootmoeder vanaf die dag minstens twee keer per week, altijd met een goed gevuld mandje en een brede, veelbetekenende lach.